Op 20 juni laatstleden organiseerde de Haven van Brussel in het Nautisch Centrum van de Brusselse haven een seminarie om de prominente rol van het Vergotedok, gelegen tussen de Groene Dreef en de Havenlaan, inzake duurzame ontwikkeling in de schijnwerpers te brengen. Verschillende bedrijven die aan dit dok gevestigd zijn, getuigden er over de acties die ze ondernemen ten gunste van de drie componenten van de duurzame ontwikkeling en over het belang dat ze hechten aan hun centrale locatie in het Brusselse. Deze bedrijven zijn overwegend in de betonsector actief, maar daarnaast sprak er ook een recyclagebedrijf in oud metaal en een groothandel in bouwmaterialen.
Laurence Bovy, voorzitster van de Haven van Brussel opende het seminarie met volgende beschouwing: « 2008 is het jaar van de 15de verjaardag van de oprichting van de gewestelijke vennootschap Haven van Brussel maar is tevens het jaar dat we uitgekozen hebben om de positieve rol van de haven ten gunste van de duurzame ontwikkeling te beklemtonen. Vandaag zal de aandacht in het bijzonder naar het Vergotedok gaan: een essentieel platform voor Brussel door het bijzondere karakter van de goederen die er overgeslagen worden voor de bedrijven die er gevestigd zijn, iets wat heel typerend is voor een stedelijke haven. »
Het is de wens van de Haven van Brussel zich aan te sluiten bij de drie componenten van de duurzame ontwikkeling. Wanneer men het over duurzame ontwikkeling heeft denkt men te vaak enkel aan de bescherming van het leefmilieu en de natuur. Ofschoon zeer belangrijk, is dit slechts een aspect van de drie pijlers van duurzame ontwikkeling. Maar de activiteiten van de Brusselse haven komen wel tegemoet aan deze drie pijlers:
Bescherming van het leefmilieu: door de bevordering van het watergebonden transport – de meest milieuvriendelijke transportwijze – kan Brussel, door de Brusselse haven jaarlijks 385.000 vrachtwagens vermijden. Dit zijn 1.000 vrachtwagens die Brussel dagelijks zou moeten slikken indien er geen waterweg zou zijn. De goederenscheepvaart in Brussel betekent ook 90.000 ton minder CO² uitstoot.De duurzame economische rol: de bedrijven die aan de Brusselse haven gevestigd zijn, zijn er soms sinds lange tijd en investeren in hun concessie. Dankzij deze langetermijninvesteringen is het voortbestaan van de economische activiteit verzekerd, en dus ook van de toegevoegde waarde en de gecreëerde werkgelegenheid. De Haven van Brussel voert er overigens een commercieel beleid dat langetermijninvesteringen begunstigt door de duur van de concessies aan te passen aan de investeringen die de ondernemingen er maken. Een sociale dimensie: de ondernemingen in de Brusselse haven onderscheiden zich door de zorg die ze schenken aan de goede werkomstandigheden voor hun werknemers en arbeiders. Dit gebeurt natuurlijk door arbeidsovereenkomsten die werkzekerheid garanderen, iets wat tegenwoordig belangrijk is. Vele ondernemingen hanteren overigens een preventief beleid waarbij ze arbeidsongevallen zo veel mogelijk trachten te reduceren in beroepstakken die soms risicovol zijn.
Wij stellen u hierbij de samenvatting voor van deze bezinningsochtend.
De dag wordt aangevat door de uiteenzetting van Didier Depierre, hoofd van het “Departement Etudes et Prospectives” van de Port autonome de Paris, over het belang voor de bouwmaterialenbedrijven, om een centrale locatie langs de waterweg te hebben.
Didier Depierre onderstreept eerst de ontwikkeling in de sector van de bouwmaterialen in de Parijse haven: handhaving en uitbreiding van de opslagplaatsen van materiaal en betoncentrales in het centrum van Parijs: op de tien centrales die beton leveren gebeurt de levering bij negen via de waterweg. Net als de haven van Brussel hebben de bouwmaterialen een dominant aandeel op de waterweg: 13,8 miljoen ton zand en grind, 2,5 miljoen ton bouwafval.
De aanwending van de waterweg betekent hier een besparing van 50 % ten opzichte van het wegverkeer en een beduidende vermindering van de CO2-uitstoot.
Didier Depierre beklemtoont tevens de inspanningen van de Haven van Parijs en de bedrijven om de stedelijke integratie van de installaties te verbeteren met als voorbeeld de betoncentrale van de firma Holcim in de Tolbiac-haven, die volkomen geïntegreerd is in de dichte stedelijke omgeving, met inbegrip van een lichtinstallatie. Het is een pilootproject voor de installatie van centrales, een initiatief dat dezelfde firma Holcim in Brussel zal voortzetten.
Didier Depierre had het vervolgens over het handvest «Sable en Seine», dat de Haven van Parijs met de sector van de bouwmaterialen ondertekend heeft: een instrument dat een betere integratie beoogt op milieu en landschappelijk vlak, voor alle haveninstallaties in het departement Ile-de-France.
Holcim
De vennootschap Holcim herinnerde er vervolgens aan dat alle grote steden voor dezelfde uitdagingen staan: de noodzaak om de burgers van energie, woongelegenheid, water en onderwijs te voorzien. De sector van het stortklare beton draagt haar steentje bij tot deze rol vermits deze sector van levensbelang is voor de bouwsector. Holcim heeft dan toelichting gegeven bij de heropbouw van de betoncentrale aan het Vergotedok, een centrale die na veertig jaar exploitatie haar einde nadert. Het is een gelegenheid om een nieuwe centrale te bouwen die ten volle aansluit bij de bekommernissen van de duurzame ontwikkeling: meer aanwending van de waterweg, optimale integratie in de stedelijke omgeving, betere logistiek, enzovoort.
Interbeton-Heidelberg Cement
Vervolgens beklemtoonde de vennootschap Interbeton belangrijk een strategische ligging langsheen het kanaal is omdat 70 % van haar import via de waterweg gebeurt: 200.000 ton per jaar. Interbeton wees ook op het belang om dicht bij hun afzetmarkt gevestigd te zijn waardoor de leveringstermijnen beperkt kunnen blijven. Want inderdaad: eenmaal beton klaargemaakt is, moet het binnen de 100 minuten op zijn bestemming zijn. Om deze reden heeft Interbeton een zeer gesofistikeerde leveringslogistiek ontwikkeld waardoor elk traject van een vrachtwagen geoptimaliseerd wordt en binnen de perken blijft van het maximum aantal kilometers voor de leveringstijd.
CCB-Italcementi
De vennootschap CCB kwam dan aan de beurt met een uiteenzetting over het bekomen van de ISO 14 001 norm. Deze internationale norm beoogt de verbetering van het productieproces in een stedelijke omgeving om de milieueffecten van de activiteiten zoveel mogelijk te reduceren. CCB gaf er haar visie inzake milieuvriendelijke en woonwijkvriendelijke operationele objectieven. De ISO 14 001 norm hanteert onder meer de productie van een originele “weerkaart” die dienst doet als instrumentenbord van de te halen objectieven en hanteert ook een milieuverklaring. CCB heeft daarenboven de dialoog met de omwonenden naar voren gebracht en heeft haar wil om de hinder te beperken aangetoond. Een constructieve dialoog vermits het aantal klachten drastisch gedaald is en praktisch tot op nul herleid werd.
A. Stevens & Cie
Stevens, een bedrijf dat oud metaal recycleert, legde uit dan uitgelegd welk aandeel haar activiteit heeft in een grootstad als Brussel. In de eerste plaats globaal gezien want de sector van de metaalrecyclage draagt er toe bij dat er een vermindering van 30 miljard CO2 uitstoot is.
Stevens, die al meer dan 50 jaar aan het Vergotedok gevestigd is, ontwikkelt haar rol op sociaal en milieuvlak met innovaties. Het is een niet weg te cijferen speler in Brussel die dagelijks metaalafval verwerkt en hiervoor intensief de waterweg gebruikt: 60.000 ton per jaar wat neerkomt op een file van 3.000 vrachtwagens die 600.000 km afleggen.
Stevens heeft ook, met opvallende cijfers, het belang toegelicht van haar centrale plaats aan het Vergotedok: indien het bedrijf buiten het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zou gevestigd worden zou de CO2 uitstoot overeenkomen met de vernietiging van 204 ha bos.
Mpro
Mpro, voorheen Binje & Ackermans, is reeds meer dan 200 jaar in Brussel gevestigd en is thans geïntegreerd in de Europese leidersgroep voor wat betreft de verkoop van bouwmaterialen aan de beroepssector. Mpro gaat in de Brusselse haven de techniek van gepalettiseerd transport invoeren.
Mpro had ervoor gekozen om een meer prestatiegericht beleid inzake arbeidsongevallenpreventie toe te lichten. Er vanuit gaand dat het personeel de sleutel vormt voor de tevredenheid bij de klanten, hadden ze als ambitieus doel vooropgesteld de arbeidsongevallen en beroepsziekten tot nul te herleiden (Target zero injuries). De doelstelling houdt grote investeringen in, alsook een optimale communicatie en een ambitieus opleidingsbeleid: ze wordt geformaliseerd door het Verdrag EHS van de groep Saint-Gobain.
Professor Cathy Macharis
Professor Macharis, van de VUB, is tussengekomen om de preliminaire resultaten voor te stellen van een studie die de return onderzoekt van de overheidsinvesteringen in de havensector te Brussel. De door dit VUB-onderzoekteam, gespecialiseerd in transporteconomie, ontvouwde methode, bestaat in een kostprijsopbrengst-aanpak van een investering (analyse kostprijs en maatschappelijke bonus), in dit geval havengebonden investering. Deze aanpak beperkt zich niet tot het geldelijke, en behelst dus ook een visie van sociaal rendement. Deze visie leunt dicht aan bij de notie van de externe kostprijs met name de indirecte door het transport veroorzaakte kostprijs met onder meer de last voor het leefmilieu.
De uiteengezette analyse betrof een kademuur door de overheid opgetrokken (per definitie een duurzame investering, goed voor zo’n 100 jaar): het toont de aanzienlijke voordelen voor de maatschappij aan wanneer men er de externe onkosten bij betrekt. De conclusie van dergelijke aanpak toont aan dat de return van een overheidsinvestering voor de bouw van een kademuur acht maal de investering bedraagt.
Er moet ook opgemerkt worden dat op de schaal van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest deze investeringen op een boekjaar als aanzienlijk overkomen maar zij zijn dan ook meer dan een eeuw lang van nut voor de gemeenschap.
Conclusies
Charles Huygens, directeur-generaal van de Haven van Brussel, heeft de bezinningsochtend afgesloten met een samenvatting van de werkzaamheden die het strategische belang en het grote prestatievermogen van de bedrijven aan het Vergotedok in de schijnwerpers geplaatst hebben, zowel op het sociale en economische vlak als op het vlak van het milieu. De Haven heeft uiteraard niet de ambitie alle mobiliteitsproblemen op te lossen van het Gewest, maar in dit deel van Brussel zijn de haven en de actoren die er meespelen, onontkoombaar.
Het aanzwengelen van de aanwending van de waterweg vormt de kern van de bekommernissen van de Haven: dat gebeurt dankzij intensieve marketing, financiële impulsen en technische assistentie.
Voor de Brusselse haven gebeuren 40 % van de trafieken via de waterweg: op Europees vlak een prestatie. Maar de Haven van Brussel zou graag een ideale verhouding bereiken: 40% spoorweg en 40% waterweg. Het is in die optiek dat de Haven van Brussel aan haar verdere ontplooiing werkt.
Tot slot heeft Charles Huygens enkele denkpistes willen verkennen voor de toekomst van de havenontwikkeling en daar heeft hij meer bepaald het belang onderlijnd van een optimale samenwerking tussen alle openbare actoren (bijvoorbeeld voor wat betreft de milieuvergunningen die tot alternatieve transportwijzen uitnodigen, het invoeren van een strengere reglementering om zwaar verkeer in de stad toe te laten, een impuls om lichtere en milieuvriendelijke bestelwagens te gebruiken in de stedelijke distributie) maar eveneens tussen de overheid en de privé (onder meer het afvaltransport via de waterweg).
Deze bezinningsochtend betrof slechts een onderdeel van de Brusselse haven; in de loop van het jaar komen er nog initiatieven om deze bezinning uit te breiden naar het Brusselse havendomein in haar geheel.
20 mei 2012: 12de editie van de feest van de Haven
Woensdag 02 Mei 2012Brussel doet het licht uit voor Earth Hour
Vrijdag 30 Maart 2012Connecting Citizen Ports 21, een Interreg partnerschap tussen zeven Europese havens
Dinsdag 11 Oktober 2011Gepalettiseerd transport in de brusselse haven om de brusselse bouwwerven te bevoorraden
Dinsdag 06 September 2011Heropflakkering Brussels havenverkeer houdt stand in de eerste helft van 2011
Vrijdag 26 Augustus 2011Inhuldiging van een oude locomotief aan het Redersplein
Maandag 21 Maart 2011